Nederlands Deutsch Intranet Login

AP 3.1

Gegevensuitwisseling zorgt voor een win-winsituatie voor bedrijven en overheden

De EHEC-uitbraak van vorig jaar, maar ook regelmatige dioxinecontaminaties of constateringen van salmonella in de meest uiteenlopende levensmiddelen maken duidelijk, dat er voor wat de gezondheid betreft nog steeds zwakke plekken zijn in de consumentenbescherming in Duitsland. Dat is de reden, waarom het Duitse Ministerie voor Voedsel, Landbouw en Consumentenbescherming (BMELV) de president van de Duitse algemene rekenkamer, het Bundesrechnungshof, heeft verzocht een rapport te schrijven over de „organisatie van de consumentenbescherming op het gebied van de gezondheid“. Dit rapport werd eind 2011 gepresenteerd. In het kader van een workshop die op 5 en 6 juni in Berlijn werd georganiseerd door het federaal bureau voor consumentenbescherming en voedselveiligheid discussieerden ca. 100 deskundigen uit zowel het bedrijfsleven alsook uit de bestuurswereld, of en op welke wijze deze adviezen in de praktijk zouden kunnen worden gerealiseerd.

Op welke plaatsen de zwakke plekken in het systeem liggen en hoe men ze mogelijk kan zou kunnen elimineren, was reeds voordat het rapport geschreven werd onderwerp van een werkpakket in het door GIQS e.V. gecoördineerde project SafeGuard. De naleving van diverse veterinairrechtelijke voorschriften binnen agrarische bedrijven wordt tegenwoordig in Duitsland door meer dan 400 officiële instanties gecontroleerd, die zich voornamelijk op gemeentelijk niveau bevinden. Dr. Albert Groeneveld, die in het district Borken de leiding heeft op het terrein van „Dieren en levensmiddelen“ en meewerkt aan het SafeGuard-project, ziet een probleem in de frequentie van de controles die overheden kunnen uitvoeren: „Wij hebben in het district Borken ca. 4.000 agrarische bedrijven. Als wij ze allemaal zouden controleren, zouden we met het personeel dat ons nu ter beschikking staat zo'n tien jaar nodig hebben, om alle bedrijven slechts één keer te bezoeken. Daarbij komen nog eens zo'n 2.600 te bewaken levensmiddelenbedrijven. Daarom moeten wij in iedere zaak uitermate zorgvuldig het risico inschatten en gebruiken we als risicoparameter de QS-auditresultaten van het bedrijf“. 

Hoe een verbeterde beoordeling van de risico’s van agrarische bedrijven er uit zou kunnen zien, maakte Groeneveld in de workshop in Berlijn duidelijk. Groenevelds adviezen geven tegelijk de resultaten van het SafeGuard-werkpakket „Public Private Partnership - Gebruikmaking van de QS-auditresultaten door het districtsbestuur van Borken“ weer.

Al vele jaren groeit de door het bedrijfsleven zelf georganiseerde kwaliteitsbewaking door QS, waardoor de betekenis ervan steeds belangrijker wordt. Als QS-gegevens op vrijwillige basis door de bedrijven aan de overheden worden verstrekt, kunnen de overheden hun controlecapaciteiten doelgericht richten op probleemgevallen en de niet door QS-geaudite bedrijven, terwijl bedrijven met goede certificeringsresultaten nog minder zouden worden gecontroleerd. Men hoopt daarbij een extra prikkel te geven, toe te treden tot kwaliteitwaarborgingssystemen en in te stemmen met de gegevensoverdracht aan de controlerende instanties. De verstrekte gegevens zouden o.a. van belang zijn voor de risicoclassificatie op grond van § 6 van de AVV Rüb en het „risicogeoriënteerde vleesonderzoek zonder aan het te snijden“ voor de bewaking van de hygiëne van het vlees binnen de slachtbedrijven.

De levensmiddelensector bekijkt eventueel geplande juridische voorschriften, die het automatisch doorsturen van de analyses en resultaten uit de bedrijfsinterne kwaliteitswaarborging aan de overheden voorschrijven, zeer kritisch, omdat ze van daaruit - en dat is wat waar men bang voor is - in het kader van informatievrijheid zonder toelichting in de openbaarheid terecht zouden kunnen komen. Het door Groeneveld voorgestelde Safeguard-project van het district Borken werd door de deelnemers van de workshop als mogelijk compromis gezien, omdat er enerzijds instemming moet zijn met het vrijgeven van de gegevens en er anderzijds alleen een totaaloordeel van de QS-auditor over een bedrijf in de vorm van een puntenaantal wordt medegedeeld. Dit puntenaantal kan over het algemeen alleen de desbetreffende instantie in vergelijking tot de bedrijven beoordelen, zodat de informatie voor de openbaarheid neutraal zou zijn.

De president van het Bundesrechnungshof beoordeelt in zijn rapport de gezamenlijke audits van het particuliere bedrijfsleven over het algemeen positief en in het bijzonder het in Berlijn voorgestelde Safeguard-project in het district Borken als een vooruitstrevend initiatief ter verbetering van de bewaking van levensmiddelen in Duitsland.

« Back to list